Archeologisch onderzoek op de percelen Westeinde 111 – 113 in Enkhuizen, gemeente Enkhuizen
In 2018 onderzocht Archeologie West-Friesland twee historische erven aan het Westeinde in Enkhuizen, een eeuwenoude bewoningsas die teruggaat tot de middeleeuwse ontginning van West-Friesland. Onder het gesloopte woonhuis bleek een goed bewaard bodemarchief te liggen met sporen van minstens vijf eeuwen bewoning. De oudste resten dateren uit de 13de eeuw: ophogingspakketten, perceelsloten en een zeldzame daliekuil tonen hoe de eerste boeren het natte veenlandschap geschikt maakten voor landbouw en huisplaatsen langs het lint.
Rond 1500 verscheen op het perceel een houten huis met klei- en plavuizenvloeren, waarvan één vloer bedekt was met een opvallend dikke brandlaag vol verkoold materiaal, gesmolten glazuur en zelfs borden waarin visgraten zijn meegebakken. Deze spectaculaire vondst sluit nauw aan bij de grote brand van 1512, waarbij de nabijgelegen Sint Janskapel en omliggende huizen in vlammen opgingen. Na deze verwoesting bleef het terrein vermoedelijk enkele decennia braak.
Vanaf de 17de eeuw werd het gebied opnieuw bebouwd met bakstenen huizen, bijgebouwen, waterkelders en erfafscheidingen. Eén perceel kreeg een langhuis met inpandige kelder; het andere ontwikkelde zich tot een erf met meerdere bijgebouwen. In de 18de eeuw werd dit vervangen door een stolpboerderij die deels werd opgetrokken op muren van de oudere bebouwing. Vondsten zoals Spaanse goudlustermajolica, Portugese faience, spinloden, keurloden voor haringnetten en diverse munten tonen het internationale karakter van Enkhuizen én het lokale, ambachtelijke leven van zijn bewoners.