Archeologisch, historisch en bouwhistorisch onderzoek naar de prehistorische, vroeg-middeleeuwse en vroegmoderne bewoning aan de Oosterweg 9 tussen Oosterend en Oost op het eiland Texel, gemeente Texel
In 2023 onderzocht Archeologie West-Friesland het terrein aan de Oosterweg 9 bij Oosterend, voorafgaand aan de bouw van een nieuwe stolpboerderij. De resultaten zijn vanaf nu te lezen in het eindrapport. Het onderzoek bracht een uitzonderlijk rijk bodemarchief aan het licht, waarin meer dan 2500 jaar bewoning en landgebruik kon worden herkend. De oudste sporen dateren uit de Midden- en Late-IJzertijd, waaronder brede kringgreppels, perceelsstructuren en een dik esdek uit de Vroeg-Romeinse tijd: aanwijzingen voor een intensief gebruikt landbouw- en nederzettingslandschap op de hogere zandkoppen van Texel.
Een bijzondere ontdekking was de aanwezigheid van zes vroeg-middeleeuwse hutkommen, daterend uit de Merovingische periode (ca. 575-700 n.Chr.). Dit is de eerste keer dat op deze locatie zo’n cluster van vroeg-middeleeuwse bewoning is vastgesteld. Het bijbehorende vondstmateriaal (waaronder geïmporteerd aardewerk uit het Rijnland en de Eifel, weefgewichten, een slijpsteen en ovenwandfragmenten) wijst op een goed ingebedde agrarische gemeenschap, verbonden met handelsroutes in Noordwest-Europa.
Vanaf de 17de eeuw is het terrein continu bebouwd geweest. De bouwhistorische opname van de gesloopte stolpboerderij Oostwijk liet meerdere bouwfasen zien, waaronder een 18de-eeuws vierkant en een uitbreiding rond 1818. Opvallend was het gebruik van hergebruikt scheepshout in de constructie, kenmerkend voor Texelse boerderijen. Het onderzoek toont zo de langdurige bewoonbaarheid van deze plek: van prehistorische akkers en vroeg-middeleeuwse woonstalhuizen tot een moderne stolpboerderij.